Marty Ehrlich is een jazzmuzikant met weinig kapsones. Hij komt langs, zet een genereus concert neer en neemt daags nadien de trein. Maar telkens weer is er diezelfde verbluffende vaststelling: Marty Ehrlich (50) is een van de meest fijnbesnaarde jazzmuzikanten van vandaag.
Ehrlich is zeker geen beroemdheid. Hij speelt wel geregeld met grote namen als John Zorn of Andrew Hill, maar voor het overige kun je hem nog altijd als een goed bewaard geheim beschouwen. Dat is begrijpelijk, omdat hij wars is van hypes en mediagenieke trends. Hij boetseert melodisch materiaal – zeg maar songs, meestal eigen composities – en doet dat met groot inzicht. En als rietblazer heeft hij een bijna bedwelmend mooie sonoriteit, vooral op altsax. Zo overtuigend dat er nog weinig hindernissen zijn om te zeggen: Ehrlich is de ontroerendste altsaxofonist sinds Johnny Hodges.
Ruikt dat naar meligheid? Dan had je het concert in De Werf moeten meemaken. Het kwartet speelde een evenwichtige collectie ballades en uptempocomposities, allemaal slimme werkstukken met wat verborgen verleiders en een beetje speelruimte voor gezonde improvisatie. Daarbij zijn niet zozeer de solo’s van belang, wel de ritmische en harmonische vormgeving. Nauwelijks bekende namen in het kwartet overigens: James Weidman op piano, Brad Jones op bas (bekend van een opdrachtje of twee bij Misha Mengelberg) en een erg jonge vrouwelijke drummer (Allison Miller). Zij maakten vooral collectief een erg solide indruk. De composities liegen niet: ze ademen ondubbelzinnig de sfeer van het werk van wijlen Julius Hemphill, leermeester van Ehrlich, boegbeeld van de Black Artists Group in St. Louis en onder meer oprichter van het World Saxophone Quartet. Het werk van Hemphill is tegelijk gedurfd modernistisch én sterk verankerd in oude zwarte tradities als blues en gospel.
Zo ook bij Ehrlich: er is speelruimte voor (vooral harmonisch) speurwerk, maar tegelijk blijft het in wezen allemaal klinken als een vertrouwde song of een meeslepende hymne. Ehrlich onderstreept dat prachtig met een verrukkelijke sonoriteit, een soepel legato en heel lichte buigingen. En heel soms haalt hij hevig uit in de extreme registers: kort maar krachtig en zonder een brutale stijlbreuk te introduceren. Het concert duurde bijna drie uur, maar bleef op elk moment boeien. Grote klasse van een hele grote meneer.
Alle rechten voorbehouden


Gelieve aan te melden of te registreren om commentaar toe te voegen.
Lid worden is gratis en duurt slechts enkele minuten. Als lid kan je: