Als glasramen in 3D, zo voelen de beelden aan in ‘Onder de vulkaan’. Guy Cassiers en Josse De Pauw leveren een prachtige productie af. Maar wat als schoonheid een religie wordt?
In de communistische periode werden theaters weleens ‘de kerken van het Oostblok’ genoemd. Dat had met hun noodzaak te maken. Het waren de enige plekken waar brede lagen van de bevolking terecht konden voor hun spirituele reiniging en een (bedekte) politieke kritiek op het bewind.
Ook de Bourla gaat tijdens Onder de vulkaan een beetje als een kerk aanvoelen, al spelen hier andere krachten. Er is de roman van Malcolm Lowry waarop de productie bouwt. Under the volcano (1947) is vaak herleid tot een geniale dronkemansstudie, maar bulkt ook van de religieuze symboliek. Josse De Pauw heeft die in zijn tekstbewerking subtiel uitgelicht.
Zo heet het Mexicaanse landschap waarin alles zich afspeelt, afwisselend ‘het aards paradijs’ en ‘de hel’. Tussen beide uitersten zie je, op een leeg voorpodium, de calvarietocht van drie figuren, elk met hun eigen wroeging: de Britse consul Geoffrey Firmin (De Pauw), zijn vrouw Yvonne (Katelijne Damen) en broer Hugh (Marc Van Eeghem). Op de Día de los Muertos, Allerzielen 1938, gaan ze de vulkaan op. Op naar de verlossing of naar de ondergang?
Antichrist
De Pauw speelt de verzopen consul soeverein: beroerd, als een waggelende beer op sokken. ‘Als de straf van Adam er nu eens in bestond dat hij in Eden moest blijven!’ Hij kan met Yvonne niet praten, daarom oreert hij. Zij wil weg, hij wil dood. Als hij zich geeuwend uitrekt, lijkt hij op Christus aan het kruis. Maar het is zij die zich opoffert, terwijl zijn drinken neerkomt op puur destructieve zelfzucht. ‘Antichrist’, sist men boven zijn graf.
En waarlijk. Onder de vulkaan van het Toneelhuis heeft iets van Antichrist, Lars von Triers nieuwe film. Niet alleen als studie van de oerstrijd tussen man en vrouw in een mythisch natuurkader. Ook door de esthetiek waarin die religieuze basisinspiratie in beelden wordt gevat.
Want hoe sober en bijna klinisch de tekstzegging in Onder de vulkaan is, zo luisterrijk en zintuiglijk zijn de projecties op het achterdoek. Op achtenveertig vierkante vlakken, als glasramen, passen negen projectoren ineenvloeiende beelden af. Cassiers en De Pauw gingen ze schieten in Mexico: plaatjes van exotisch groen, hoge berglandschappen, klaterend water, verwrongen houtsnijwerken, duistere interieurs van cantina’s.
Tussenschuivende gaasdoeken creëren een driedimensionaal effect. Het is een uiterst knappe visualisering van de taal van Lowry’s stream of consciousness, die op de scène niet uit te spreken is. Tegelijk geeft de beeldenwand vorm aan de hallucinaties van de consul en aan Lowry’s oersymboliek. De consul krijgt verzengende vlammen in zijn rug, Yvonne zuiverend water. Water en vuur, en dat heet dan een relatie.
Chaotisch
Wat beogen de makers van deze productie precies? Volgens Cassiers zegt Lowry’s beeld van de geestesgesteldheid aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog veel over onze eigen tijd. Wij zouden dezelfde angst en twijfels kennen.
Op het podium is die chaotische wereld echter herleid tot verre achtergrondgeluiden. Lowry’s sleutelscène, waarin de consul en de ooit idealistische Hugh zich bij een halfdode Mexicaan moreel moeten verhouden tot het leed buiten henzelf, is geschrapt. Wat rest, is de evocatie van een tragisch huwelijk.
Onder de vulkaan is wel erg mooi en afgemeten geworden. Wat bij Lowry dreigende deliriums zijn, zie je hier als troostende visioenen. In Oost-Europese theaterkerken werd iets gewekt, hier zwelgen we in ondergangslust. Het is de enige actualiteit die Onder de vulkaan echt belichaamt: esthetische verfijning als een nieuwe religie. Of opium voor het burgervolk?
Alle rechten voorbehouden


Gelieve aan te melden of te registreren om commentaar toe te voegen.
Lid worden is gratis en duurt slechts enkele minuten. Als lid kan je: