1. Historiek
Onder de noemer Say it now lanceerde Vooruit in februari 2006 een thematisch festival, met de klemtoon op podiumkunsten, installaties en mediakunst. 9 dagen lang waren artiesten uit heel verschillende disciplines, stijlen en genres te zien in Vooruit. Wat ze evenwel met elkaar deelden, was de eigengereide wijze waarop ze de taal inzetten in hun werk. Ze hanteerden taal niet in de klassieke zin – dus niet als gesproken taal of als narratieve strategie waarin betekenis en betekenaar samenvallen – maar veeleer als een opgebroken taal, waar een nieuwe vorm een nieuwe inhoud ontmoet.
In februari 2007 werd een tweede thematisch festival opgezet onder de noemer the game is up!, een quote uit het theaterstuk Cymbeline van William Shakespeare. Deze keer focuste het festival op de fascinerende relatie die de kunstenaar onderhoudt met het spel in al zijn vormen. En daarmee werd geen videogame bedoeld, wel het “spel” als een concept met eigen regels en vrijheden: hoe creëren artiesten hun eigen spelregels, hoe parodiëren ze die, waar overschrijden ze de voorschriften en welke betekenissen komen zo naar boven? The game is up! 2007 werd een speels festival met een schare internationale artiesten die de ‘homo ludens’ in ons allen verbeeldden. Ook uit de ondertitel van het festival sprak die speelse zin voor avontuur: “You are about to do something you shouldn’t”. Het was bovendien een ondertitel die verwees naar de vele projecten in het festival waarin het publiek een actieve rol werd toebedeeld, als participant, medeplichtige, coauteur…
Na de enthousiaste reacties van artiesten, pers en publiek werd in 2008 besloten om the game is up! als naam van het festival te behouden. The game is up! 2008, deze keer niet in februari maar in de maand maart, droeg de speelsheid nog steeds hoog in het vaandel. Een nieuw thema kwam bovendrijven: de ambigue relatie met commercie, economie, geld en entertainment. De kunstensector waant zich maar al te vaak losgekoppeld van vraag en aanbod, van commerciële druk. Toch zijn er heel wat artiesten (uit zo verscheiden disciplines als mediakunst, podiumkunst en muziek) die zich wel te midden van de wereld willen begeven, die wel de tekenen des tijds onder ogen zien en er hun werk door laten beïnvloeden. Met de provocatieve ondertitel “Art for Sale” brachten we voor the game is up! 2008 kunstenaars bij mekaar die alle mogelijke strategieën hanteerden om met de vermarkting van onze maatschappij om te gaan: bestrijden (Stop Shopping!), omarmen, parodiëren, bevragen, ondermijnen …
2. How to save the world in 10 days
Ook in 2009 blijven we onder de noemer the game is up! verderwerken. Het festival wil meer dan ooit een nieuwsgierig publiek kennis laten maken met (in Vlaanderen) onbekend, maar sprekend internationaal werk. Thematisch focussen we onder de werktitel “How to save the world in 10 days” op onze toekomstperspectieven, het maatschappelijke en politieke ontwerp ervan en hoe de kunst daartoe kan bijdragen.
Daarvoor gaan we in zee met artiesten die in een post-postmodernistische reflex op zoek gaan naar nieuwe (grote) verhalen. Artiesten die het geloof in de toekomst niet opgeven, maar het herformuleren of in een nieuw perspectief plaatsen. Ook al lijkt de wereld in een patstelling gekomen waarin grote verhalen en utopische visies amper kansen krijgen, dat mag ons en de artiesten er niet van weerhouden alsnog een poging te ondernemen.
In een tiendaags festival zullen artiesten uit onder meer de podiumwereld, de muziek en de mediakunst voorstellen formuleren: van kleine voorzetten tot utopische totaalvisies, van ecologische labo’s tot sociaal-politieke dystopieën. Want waar het heen moet met ons allen, 6 miljard mensen op een kluit, is geen vraag die je aan hen allen moet stellen. Het is een vraag die je vanuit het individu (de politicus, de zakenman, de kunstenaar) moet laten uitdragen. Hier ‘overrulet’ de individuele creativiteit de democratische premisse! Dat het festival de wereld niet zal redden, is daarbij een zekerheid. Maar zoals Marge Simpson al tegen haar man Homer zei: “I do not hate you for failing, I love you for trying.”
De ambitieuze ondertitel “How to save the world in 10 days” is een knipoog én een hernieuwd geloof in de grote verhalen: niet als politiek-economisch (nazisme, communisme, kapitalisme…) of cultureel-maatschappelijk dogma (modernisme en uiteindelijk ook het postmodernisme), maar als een voorzet voor ambitieus denken en doen.
Een kunstenfestival kan de wereld niet redden, nu niet en straks niet. Evenmin als kunstenaars de wereld kunnen redden. Maar zij kunnen wel hangende kwesties benoemen en mogelijke antwoorden suggereren. The game is up! 2009 wil enkele van die suggesties bundelen en komen tot een ‘utopisch/dystopisch festival’. Daarbij betekent utopie niets meer dan een ‘onmogelijke werkelijkheid’: een positief beeld van hoe het zou kunnen zijn, tegen alle haalbaarheidsstudies in. Die utopie speelt in op de ambiguïteit tussen u-topos (een niet-bestaande plaats) en eu-topos (een gelukkige samenleving). De dystopie is de keerzijde ervan, de anti-utopie, die ons toont waar we beter niet belanden: een totalitaire maatschappij waar diversiteit verdrongen wordt door uniformiteit.
Kunstenaars hebben de vrijheid om deze utopische en dystopische denkbeelden zichtbaar te maken. Niet noodzakelijk in grote verhalen en grote gebaren, want ‘les extrêmes se touchent’, waardoor het grote zich soms weerspiegelt ziet in het kleine, het banale, het minuscule.

Gelieve aan te melden of te registreren om commentaar toe te voegen.
Lid worden is gratis en duurt slechts enkele minuten. Als lid kan je: