Onwetendheid is een zegen, want met kennis komen de complexen. En met de complexen de schaamte.
Wie zijn gedeukte zelfbewustzijn schaamteloos kan etaleren, die is pas écht gezegend, zou je denken. Hij wel. Maar zijn publiek niet. Dat krijgt last van plaatsvervangende schaamte. Op die ongemakkelijke grens spelen de twee producties die Meg Stuart bij Damaged Goods maakte.
It’s not funny speelt in een decor dat nog het meest weg heeft van een Spullenhulp-keet met een showtrap erover. Een clubje performers zet er één grote pulpshow neer die fouter dan fout is. Het rijdansje met platinablonde huppeltutjes is ongeïnspireerd, en acrobatisch de trap afschaatsen ontaardt in knullig gestuntel. Maar blijf vooral lachen. If you can’t make it, just fake it.
Stuart creëerde deze productie vorige zomer voor de Salzburger Festspiele, toen die de focus op humor legde. De choreografe liet zich niet vangen door dartele luchthartigheid, maar nestelde zich op het snijvlak van de grap, het sociaal en politiek incorrecte, en de schaamte. De zone waar het normaal gezien pijnlijk wordt.
Tijdens de voorstelling nemen gemengde gevoelens je in een houdgreep. Maar echt schrijnend wordt het nergens. Echt grappig ook niet.
De verdienste van It’s not funny schuilt in de ontmanteling van de machinerie die begint te draaien tussen de misgelopen kwinkslag en de afstraffing die erop volgt. De ontspoorde kettingreacties die zo kenmerkend zijn voor de fysieke humor zoals we die uit slapstick kennen, zijn gedissecteerd tot krakkemikkige choreografietjes. De opsomming van relatief onschuldige voorvallen, zoals de weigering van een bankkaart, neemt traumatiserende proporties aan vol grotesken.
Ondanks die sterke momenten laat It’s not funny je iets te comfortabel achterover leunen in je zitje. We hadden liever het gevoel gehad eronder te moeten kruipen.
De andere productie, Blessed, weet je wel met verstomming te slaan. Ook deze solo voor Francisco Camacho laat zien dat onwetendheid een zegen is. Ze biedt bescherming tegen de nachtmerrie die ook wel ,,realiteit’’ heet.
Aanvankelijk is er geen vuiltje aan de lucht. Camacho slentert als een ware Robinson over een bordkartonnen eiland. Alles verloopt onwezenlijk traag. Tijd bestaat niet in dit paradijs. Tot het begint te druppelen. Dan toch maar even schuilen in het hutje en afwachten. Maar het wordt alleen maar erger: druppelen wordt gutsen. Zijn kartonnen huisje, de zorgvuldig geconstrueerde illusie, begint te bezwijken onder de stortvloed.
Maar zo gemakkelijk geeft hij zijn cocon niet prijs. Als een hippie, van het soort dat bomen knuffelt, wringt hij zich onder de wrakstukken vandaan. Een en ander mag hem ontglippen, dat is geen reden om niet meer met de ogen open te blijven dromen. Palmbomen kunnen immers nog altijd omarmd worden zolang ze niet volledig in puin liggen.
Wat deze solo zo beklemmend maakt, is de transformatie die zich voor je ogen voltrekt. Van zalvende zinsbegoocheling naar keiharde dwaasheid. De valium voor de ziel raakt langzaam uitgewerkt, en met de regen sijpelt ook het besef binnen dat de grauwe omgeving zich niet laat ontkennen. We zien een man die zich vastklampt aan zijn zonnige wereldbeeld en weigert in te zien dat hij eigenlijk tot zijn nek in de papperige drek zit.
Natuurlijk is het volgens hem allemaal de schuld van een ander dat alles tot pulp regent. Hij spuit met verf zijn verwijten op de muur, maar niemand schreeuwt iets terug. Hij blijft roepende in zijn nepparadijs.
Toch worden er gaandeweg ontsnappingsroutes gesuggereerd om zijn gelukzaligheid vast te kunnen houden. Nieuwe kleren, nieuwe gedaantes, nieuwe brillen wisselen elkaar steeds sneller af. Een mondklem fixeert zijn lach tot een gruwelijke grimas. Het zijn allemaal wegwerpstrategieën die, net als zijn woning, boom en zwaan, helemaal niet bestand zijn tegen de krachten van buitenaf.
Gelukkig voor hem komt er na regen toch zonneschijn. Hij kan op het einde toch weer verder slenteren met de blik op nul en het verstand op oneindig.
De toeschouwer komt er bekaaider vanaf. Die verkeert niet meer in de mogelijkheid om de schellen terug op te zetten. Ze zijn immers hardhandig kapot geslagen.
Een verontrustende conclusie van een indringende performance die je verdwaasd terug de straat op stuurt.
Alle rechten voorbehouden


Gelieve aan te melden of te registreren om commentaar toe te voegen.
Lid worden is gratis en duurt slechts enkele minuten. Als lid kan je: