www.vooruit.be

Syriza: van dwergpartij tot politieke reus

 

Omschrijving

Het begon in 2001 als een klein groepje, niet eens een echt gestructureerde partij, onder de nogal pompeuze naam 'Ruimte voor Dialoog voor de Eenheid en Gemeenschappelijke Actie van Links'. Die gaf in lokale verkiezingen steun aan allerlei linkse kandidaten. In 2004 verenigden een aantal van die linkse partijen met allemaal klinkende namen zich in een los samenwerkingsverband. Een van die partijen was Synapismós ('coalitie van linkse en ecologische bewegingen') waar de onbekende Alexis Tsipras lid van was. Die pompeuze partijnamen moesten verhullen dat ze stuk voor stuk weinig voorstelden. Ze noemden zich Sy-riz-a, een letterwoord dat staat voor Synapismós Rizospastikis Aristerás ('radicale coalitie van links'), wat later 'Syriza' werd en behaalden bij de parlementsverkiezingen samen 3,3 procent van de stemmen, genoeg voor zes zetels.

Omdat die zes verkozen parlementsleden allemaal lid waren van één van de partijen van de ruime coalitie, Synapismós, ontstonden er onmiddellijk grote spanningen in de Syriza-coalitie. De kans dat het samenwerkingsverband zou standhouden werd door observatoren als zo goed als onbestaand ingeschat. Het omgekeerde gebeurde. In 2005 haalde Syriza 5 procent, geen spectaculaire stijging. In 2007 werd echter Alexis Tsipras, gemeenteraadslid in Athene, voorzitter van Synapismós. In 2009 behaalde Syriza 4,9 procent. Tsipras was één van de dertien verkozenen en werd even later ook leider van de volledige Syriza-coalitie. De rest is geschiedenis.

Valt het electoraal succes van Syriza enkel en alleen te verklaren door het charismatisch leiderschap van Alexis Tsipras? Hoe kon een kleine linkse, losse coalitie met bescheiden resultaten op zes jaar uitgroeien tot een regeringspartij? Hoe kon Syriza de twee traditionele machtspartijen PASOK en Nieuwe Democratie van de macht verdrijven die ze samen of afzonderlijk onafgebroken hadden uitgevoerd sinds 1974?

 

A History of Violence

Auteur Ovenden gaat terug in de geschiedenis van Griekenland. Het semi-feodale koninkrijk dat vele gelijkenissen vertoonde met het Spaanse had een lange traditie van gewelddadige onderdrukking van emancipatorische bewegingen in het algemeen en linkse partijen in het bijzonder. Het gewapend verzet culmineerde tijdens de Tweede Wereldoorlog tegen de Duitse bezetter. Na de oorlog kwam de rehabilitatie van rechts en de vernietiging van links met Britse en Franse steun.

Westerse commentatoren lachen de referenties van Tsipras naar die strijd graag weg – zoals wanneer hij na de verkiezingen van 25 januari bloemen ging leggen aan het graf van door de Duitsers geëxecuteerde verzetsstrijders. Daarmee onderschatten ze wat echt leeft in Griekenland. Na het verzet kwam immers de gruwelijke fascistische dictatuur van Georgios Papadopoulos, met Britse, Franse en Amerikaanse steun. Hij leidde een folterregime dat voor elke progressief denkende zestigplusser nog steeds klinkt als een gruwelijke herinnering, ook buiten Griekenland.

 

Hoe kon een kleine linkse, losse coalitie met bescheiden resultaten

in zes jaar uitgroeien tot een regeringspartij?

 

De democratische bevrijding van Griekenland in 1974 bracht twee nieuwe politieke partijen beurtelings (soms samen) aan de macht. Het succes van Syriza moet grotendeels gezien worden als een reactie op het complete morele failliet van de sociaal-democratische PASOK en de conservatieve Nieuwe Democratie. Op het taalgebruik en de stijl na stonden ze voor twee nauwelijks te onderscheiden versies van het Europese neoliberale beleid, met gigantische corruptie en onbegrensde fortuinen voor de oligarchen en de scheepsreders er bovenop.

Griekenland draagt naast moedig en soms zeer gewelddadig verzet van links ook een minder fraaie erfenis mee van racisme, fascisme en collaboratie. Er is nog steeds een onderstroom van extreem-rechtse ideeën die bij een minderheid van de bevolking aanhang heeft. Toen Syriza tijdens de onderhandelingen met de trojka op dat gevaar wees, overdreef de partij niet. Dat gevaar is er nog steeds.

 

Van euforie naar teleurstelling

Met zijn boek ‘Syriza: Inside the Labyrinth’ geeft Ovenden een degelijk overzicht van de recente politieke geschiedenis van Griekenland: van de oorsprong van de Griekse politieke cultuur, over de opkomst van de linkse partijen sinds de Eerste Wereldoorlog, van de ooit inspirerende en nu dogmatisch verstarde communistische partij KKE tot de vele andere bewegingen en uiteindelijk tot Syriza. Hij gaat ook dieper in op extreem-rechtse bewegingen, meer in het bijzonder op de extreem xenofobe Grieks-nationalistische Gouden Dageraad en hun wortels die eveneens teruggaan tot diezelfde Eerste Wereldoorlog.

De overwinning van Syriza op 25 januari 2015 was een morele overwinning van formaat, niet alleen in Griekenland, maar in heel de EU. Voor het eerst vormde een partij een regering in een EU-lidstaat die het neoliberale austeriteitsbeleid van de trojka in twijfel trok. De teleurstelling zes maand later – na het onverwachte succes van het neen-referendum – was enorm.
Ovenden is zeer kritisch voor Syriza en voor Tsipras. Zijn sympathie gaat duidelijk uit naar de lijn die Yanis Varoufakis en Zoé Konstantopoulou volgden. Toch geeft hij Tsipras krediet voor zijn uiteindelijke overgave aan de oekazen van de trojka. Wat was het alternatief? Tsipras heeft volgens hem gelijk wanneer hij stelt dat de trojka enkel kan worden verslagen als dat gebeurt op internationaal niveau, in meerdere landen tegelijk.

Wat in de eerste helft van 2015 in Griekenland is gebeurd, heeft niet alleen diepe wonden geslagen, het heeft ook een nieuw pan-Europees bewustzijn doen ontstaan over de ware aard van het huidige Europese project. En het debat is volgens Ovenden niet ten einde.

 

© Lode Vanoost / DeWereldMorgen.be

Dit artikel werd geschreven op 01.03.16

Reageer