www.vooruit.be

1899: Aankoop 'Ons huis', voet aan grond in het centrum van Gent

 

Aankoop 'Ons huis': winkels, partijgebouw, vakbond..

De coöperatie vergrootte systematisch haar patrimonium. Her en der in de stad opende ze apotheken en kruidenierswinkels. Toen ook het pand aan de Garenmarkt uit zijn voegen barstte, kocht Vooruit in 1893 een groot gebouw op de Vrijdagmarkt ('Ons huis'). Zo kreeg de coöperatie voet aan de grond in het oude stadscentrum. De Gentse architect Ferdinand Dierkens verbouwde het pand tot een monumentaal en luxueus warenhuis. Dat moest de arbeiders een gevoel van trots geven; ze moesten het beschouwen als hun eigen bezit. Toen een brand het warenhuis verwoestte, kreeg Dierkens de opdracht een nog grootser gebouw op te trekken. De Groote Magazijnen, geïnspireerd op de Parijse Bon Marché, openden in 1899. Ernaast ontwierp de architect een tweede gebouw, Ons Huis, waar de partij, de coöperatie en de vakbond hun plaats kregen.

Feestlokaal in de Bagattenstraat: voorloper Vooruit

Verderop in de stad, in de Bagattenstraat, kocht Vooruit een groot herenhuis, dat de voorloper werd van het Feestlokaal in de Sint-Pietersnieuwstraat. Het kreeg een koffiehuis, een toneel- en concertzaal, vergaderlokalen en een bibliotheek.

Coöperatie groeit exponentieel & stelt macht tentoon

Voor de leden van de coöperatie kwamen er alsmaar meer voordelen. Zieken kregen gratis brood, medische zorg en medicatie. Wie op zijn zestigste stopte met werken, kreeg een klein pensioen, berekend op basis van de aankopen die hij had gedaan. Bij elke geboorte kreeg een gezin een week lang gratis brood en een groot feestbrood. Zo bood de coöperatie de Gentse arbeiders wat bescherming tegen ziekte en armoede, in tijden dat de overheid nog niet zorgde voor sociale zekerheid. Anseele, intussen al even beheerder van de coöperatie en een van de eerste socialistische parlementsleden, ging nog verder. Met de ‘rode fabrieken’ wilde hij dat Vooruit zich meer op productie toelegde. De coöperatieve weverij was een eerste stap in die richting. Vooruit ging er prat op dat de arbeiders er betere voorwaarden genoten dan elders. Er volgden snel andere productietakken: een brouwerij, een suikerfabriek, een katoen- en een vlasspinnerij. Als klap op de vuurpijl richtte Anseele in 1913 de Belgische Bank van den Arbeid op. Het grootste deel van het kapitaal dat die beheerde, kwam van de coöperatie.

Succes coöperatie

Het ging de coöperatie voor de wind: aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog telde ze ongeveer tienduizend leden. Ze had, in de woorden van de progressief-liberale socioloog Louis Varlez, ‘un petit univers socialiste’ uitgebouwd. Vooruit was een economische tegenmacht geworden en de Gentse socialistische beweging was uitgegroeid tot een niet te negeren politieke kracht. Haar monumentale gebouwen moesten het gevoel van eigenwaarde bij de arbeiders opkrikken en de tegenstanders tonen welke machtspositie de beweging had. Of zoals de socialistische krant Vooruit in 1914 triomfantelijk schreef over het pas geopende Feestlokaal in de Sint-Pietersnieuwstraat: ‘Alsof het den vijand toeroept: “Raakt aan wie durft!”’ Het gebouw was ‘de kathedraal van de werklieden’, hét paradepaard van Vooruit.

Lees hier deel 3:
1910: de bouw van 'Feestlokaal Vooruit' in de Sint-Pietersnieuwstraat 

>>>