The Brodsky concerts’ houdt het midden tussen een muzikale vertelling en een intimistisch hoorspel. Dirk Roofthooft en Kris Defoort boetseren een verrassend klankbeeld rond tien gedichten van Joseph Brodsky.
In de gedichten van Joseph Brodsky (1940-1996) is het opvallend vaak september. Het is de periode van het jaar waarin weemoed, afscheid en vergankelijkheid het beste gedijen. De Russische dichter leefde continu in een soort septembergevoel. In 1972 werd hij de Sovjet-Unie uitgezet, in de Verenigde Staten vond hij een tweede thuis.
Meer dan een dissident was Brodsky het prototype van de emigré tegen wil en dank. Ballingschap en isolement vormen de voedingsbodem van zijn poëzie, waarvoor hij in 1987 de Nobelprijs Literatuur kreeg. De donkere sfeer en de lichtvoetigheid van zijn stijl houden elkaar in een bedrieglijk evenwicht. Veertien jaar na zijn dood is zijn literaire oeuvre stilletjes uit de actualiteit verdwenen – Brodsky’s Nederlandse uitgever houdt alleen nog een bundel kerstgedichten in stock.
De jazzpianist Kris Defoort en de acteur Dirk Roofthooft ontdekten elkaars fascinatie voor Brodsky bij de voorbereiding van House of the sleeping beauties. Voor zijn tweede opera wilde Defoort de grote levensvragen aansnijden, zonder daarbij in anekdotiek te vervallen. Brodsky leverde de perfecte brandstof: niet voor een opera, maar voor een jazzy muziektheaterproject waarin de acteur en de muzikant samen op het podium staan. Het is een mooie hommage aan Brodsky geworden.
Door verschuivingen in de kalender vond de première van The Brodsky concerts niet in Antwerpen plaats, maar tijdens het festival La bâtie in Genève. Meteen in de Franse versie dus. Het is het soort krachtproef waar Dirk Roofthooft op kickt. Roofthooft wil zijn publiek meezuigen in een live-ervaring, waarbij boventitels niet in de weg mogen zitten.
Voor The Brodsky Concerts heeft hij de gedichten op een pupiter voor zich liggen. Maar eerst barst hij los in een prozatekst in vloeiend Frans, in zijn typische mix van branie en bestudeerde dosering.
Havik en vlinder
Deze voorstelling, zonder noemenswaardig decor en zonder de strenge hand van een regisseur, moet het hebben van de interactie tussen taal en muziek. Ze is opgebouwd als een lange elegie in tien teksten.
Helemaal vooraan zit ‘Lovesong’, een bizarre samenzang op het thema van Lennons ‘Imagine’. Als ze helemaal op het eind terugkeert, merk je pas de spanningsboog die deze voorstelling beschrijft. Intussen zijn we getuige geweest van Brodsky’s desillusies, die de tweede versie van het liefdeslied ongemeen bitter kleuren.
We ontmoeten diverse alter ego’s voor de dichterziel. De havik die de ijle hoogte opzoekt en zich daar onvermijdelijk kwetst. Of de vlinder, symbool voor transformatie en vluchtigheid.
Voor elk gedicht zoekt Roofhooft het juiste timbre, de juiste adem. In het licht astmatische ‘De zomer is voorbij’, alweer een septembergedicht, kantelt zijn nonchalante lezing ongemerkt in acteren.
Kris Defoort is een medeplichtige in deze vertelling, een partner in de tweestemmigheid. Zijn wolkjes pianospel, aangedikt met elektronische samples en sfeertoetsen, klinken bijzonder vindingrijk. Als een triest en mijmerend chanson, dan weer eindeloos kabbelend zoals bij Keith Jarrett, of plots lyrisch en zinderend.
Defoort bouwt een fragiele klankwereld op die openspat in ‘Nature morte’, waarbij elke woedende lettergreep een muzikaal accent krijgt. Tekst en klank zijn hier simultaan.
Niet alle schakelingen en overgangen zaten bij de première al haarfijn juist. Maar The Brodsky concerts zuigt je mee in een draaikolk van klanken en sensaties, een intimistisch hoorspel vol melancholie en scherpe zelfanalyse.
All rights reserved


Please log in or register to post a comment.
Becoming a member is free of charge and only takes a couple of minutes. As a member you can: